Bergerac
Ensoleillé
8°C
 

Duras
Nuages intermittents
7°C
 
Logo Bergerac Duras

Word een expert

”De kunst van het proeven” is een uitdrukking die veel wordt gebruikt als er over wijn wordt gesproken, maar hoe moet je eraan beginnen?

De proeverij bestaat over het algemeen uit drie stappen: Het visueel onderzoek, het olfactorisch onderzoek (geur) en het smaakonderzoek

Het visueel onderzoek

De Rode wijnen

De kleur van de wijn geeft belangrijke informatie en laat je toe een benaderende inschatting te maken van de leeftijd van de wijn. Een jonge wijn heeft veeleer een paarsrode kleur, en hoe ouder, hoe meer de kleur evolueert naar kersrood. Let wel op, want sommige druivensoorten kunnen je misleiden. Zo heeft de “cabernet sauvignon” een zeer paarse kleur als hij jong is, en hij wordt oranje bij het verouderen.

De Rosé wijnen

De rosé wijnen veranderen van kleur in functie van de gebruikte druivensoort, van de rijpheid ervan en van de tijd waarop de schillen hun kleur kunnen afgeven vooraleer de wijn geperst wordt. De rosé wijnen van Bergerac hebben de neiging tot een eerder donkere kleur.

De Wiite wijnen

De witte wijnen hebben een kleur dat moeilijker te analyseren is. De kleur varieert in functie van de druivensoort en zijn oxidatie. Hoe meer een witte wijn beschermd wordt van de lucht gedurende zijn verwerking, hoe bleker hij zal zijn. De jonge witte wijnen hebben een lichte groene schijn en worden meer goudkleurig als ze verouderen, en eindigen met een amber kleur als ze op leeftijd zijn.

Het olfactorisch onderzoek (geur)

De neus kan in 2 fases worden opgesplitst : de 1ste Neus en de 2de Neus

De 1ste Neus is je eerste indruk.  Het gaat erom te weten of je de wijn apprecieert, zonder in de details te gaan. Als er zich bij de 1ste neus reeds onmiddellijk aroma’s aanbieden wil dit zeggen dat de wijn “open” is;  in de omgekeerde situatie spreekt men van een “gesloten” wijn.

De 2de Neus laat je toe om de aroma’s te ontdekken. Aarzel niet om hiervoor de wijn in het glas te walsen, zodat deze met de lucht in aanraking komt en de aroma’s loslaat die opgesloten zitten. Zet, nadat de wijn heeft kunnen ademen, uw geuranalyse verder door de geuren te vergelijken met een aantal families van geuren zoals fruit, bloemen, planten,, kruiden, hout, …

Het smaakonderzoek

Het smaakonderzoek is de eindfase van de proeverij. Het is nu dat je zult ontdekken of de wijn overeenkomt met het gevormde beeld op basis van de gedane visuele analyse en het geuronderzoek. In de mond zul je de aroma’s opmerken, de smaak (bitter, zuur, zoet, zout) en de tactiele gewaarwordingen (alcohol, temperatuur, samentrekking, volume, vetheid). Over het algemeen word je eerst de zuurheid gewaar, dan het fruit, gevolgd door de vetheid, de alcohol en op het einde de bitterheid en de taninnes.

Leer er meer over met de School van de Oenologen